Samenwerking kan melkveehouder en akkerbouwer 53.000 euro opleveren

Samenwerking tussen een melkveehouder en een akkerbouwer kan in theorie een gezamenlijk extra rendement van ruim 53.000 euro opleveren.
Dat blijkt uit een berekening die Maarten Kik van Wageningen Social & Economic Research maakte.
Melkveehouder met 100 koeien, akkerbouwer met 80 ha
Kik berekende de extra opbrengsten en kosten van een samenwerking ten opzichte van de situatie dat beide bedrijven niet met elkaar samenwerken. De melkveehouder melkt 100 koeien, met 40 hectare grasland en 10 ha mais. De akkerbouwer heeft 80 ha grond met consumptieaardappelen, mais, tarwe en suikerbieten. Bij samenwerking wordt van de 50 ha van de melkveehouder 15 ha gebruikt voor blijvend grasland. De andere 35 ha gaat samen met de 80 ha van de akkerbouwer in een één-op-vierrotatie.

Lagere afvoerkosten mest
Figuur 1 toont de mogelijke plussen en minnen die de samenwerking op kan leveren. De melkveehouder haalt het grootste financiële gewin uit minder afvoerkosten van de mest. Ook kan hij wat besparen op de aankoop van ruwvoer. De akkerbouwer ziet zijn omzet stijgen doordat hij meer hoogsalderende gewassen als consumptieaardappelen en suikerbieten kan telen.
Voor beide bedrijven nemen de eigen teeltkosten toe door het grotere areaal en het hogere aandeel hoogsalderende gewassen. Op de teelt van groenbemester kan juist worden bespaard, omdat bij het inzaaien van gras en tarwe in het najaar geen groenbemesting nodig is. Door het gebruik van dierlijke mest en de nalevering van stikstof als het grasland gescheurd wordt, nemen de kosten voor kunstmest af bij de akkerbouwer. Wel levert de akkerbouwer geld in door mest zonder betaling aan te nemen van de veehouder, wat het gezamenlijk resultaat ten goede komt.