BCZ: ‘Kostprijsdekkende melkprijs leidt tot inkomensverlies’
Het is geen goed idee om in contracten vast te leggen dat zuivelverwerkers veehouders een melkprijs moeten betalen die gebaseerd is op een gemiddelde kostprijs. Dit helpt melkveehouders met een hogere kostprijs niet en gaat ten koste van de concurrentiepositie van de Europese zuivelverwerkers.
Dit stelt de Belgische Confederatie voor de Zuivel (BCZ). De brancheorganisatie voor zuivelverwerkers reageert op plannen van de Europese Commissie om melkveehouders meer bescherming te bieden tegen schommelingen in melkprijzen.
Contactverplichtingen in marktverordening
De Europese Commissie publiceerde afgelopen zomer een herziening van de gemeenschappelijke marktverordening. Een belangrijk onderdeel hiervan is een verplichting voor kopers van melk om met veehouders contractafspraken te maken over de melkprijs. De prijs zou vooraf moeten worden vastgelegd of worden gebaseerd op berekeningen die rekening houden met de productiekosten.
Verlies marktaandeel dreigt
BCZ is niet tegen contractverplichtingen, maar vreest dat vaste prijsafspraken als een boemerang bij melkveehouders terug zullen komen. Enerzijds omdat de productiekosten tussen melkveebedrijven zo sterk verschillen dat het onmogelijk is om een prijs vast te stellen die kostendekkend is voor alle veehouders. Anderzijds omdat de Europese zuivel zich hiermee internationaal uit de markt zou prijzen met als gevolg verlies van marktaandeel en minder inkomsten voor veehouders.
In Frankrijk en Spanje geen succes
BCZ verwacht dat het voorstel van de Europese Commissie zal leiden tot voorzichtig prijsbeleid van melkafnemers. Door vaste afspraken over de melkprijs kunnen zuivelverwerkers minder goed inspelen op ontwikkelingen op wereldwijde zuivelmarkten. Dit ondermijnt volgens BCZ het internationale concurrentievermogen van de sector en zal leiden tot inkomensverliezen voor alle melkveehouders. BCZ wijst op de situatie in Frankrijk en Spanje waar al eerder wetgeving werd ingevoerd om de melkprijs te reguleren op basis van de kostprijs. De gemiddelde melkprijs is in deze landen niet verbeterd ten opzichte van het Europese gemiddelde.
Prijsprikkel valt weg
BCZ onderbouwt de bezwaren met de uitkomsten van een studie van het instituut voor voedseleconomie en de universiteit van het Duitse Kiel. Hieruit komt onder andere naar voren dat door een verbod op inkoop onder de productiekosten voor boeren de prikkel wegvalt om minder te gaan produceren als de markt verslechtert. Dit verzwakt de positie van zuivelverwerkers en uiteindelijk ook die van boeren. In perioden waarin de wereldwijde melkproductie hoog is, wordt het voor Europese importeurs interessant om zuivel te importeren, terwijl de exportmogelijkheden vanuit de EU afnemen.
Minder voedselzekerheid
De Duitse onderzoekers verwachten dat melkveebedrijven met hoge productiekosten niet zullen profiteren van een verbod op inkoop onder de productiekosten en melkveehouders met lage productiekosten juist wel. Dit vermindert de weerbaarheid van kleinere melkveebedrijven met hogere productiekosten en versnelt de schaalvergroting. Bij een te lage Europese melkproductie is er door vaste prijsafspraken voor boeren bovendien geen prikkel om meer melk te gaan produceren. Dit kan leiden tot minder voedselzekerheid in de EU.
Klik hier voor het volledige Duitse onderzoek naar de effecten van vaste prijsafspraken.