Gras

‘Weidegang niet verplicht, maar blijft populair thema voor politici’

Het percentage bedrijven dat weidegang toepast ligt de laatste twee jaar onder de streefwaarde van 81,2 procent
Het percentage bedrijven dat weidegang toepast ligt de laatste twee jaar onder de streefwaarde van 81,2 procent

In de nieuwe AMvB over dierwaardige veehouderij, die eerder deze maand door het ministerie van Landbouw is gepresenteerd, wordt weidegang niet verplicht. Dat lijkt goed nieuws, maar het betekent volgens Kees-Jaap Hin, secretaris van Stichting Weidegang, niet dat de melkveehouderijsector achterover kan leunen. 

‘Weidegang is een populair thema voor politici. Er zijn afgelopen jaren acht verschillende moties geweest om weidegang te verplichten. Zo’n motie is zo weer gemaakt, de politieke druk blijft’, vertelde Hin tijdens een studiedag over weidegang, die georganiseerd was door de Universiteit van Utrecht en GD. ‘Wie de toelichting van het amendement van de staatssecretaris goed leest, ziet dat er staat dat weidegang weliswaar niet wordt verplicht, maar dat daarvoor wel de afspraken in het convenant Weidegang moeten worden gehaald.’ 

Weidegang is een complex thema

In het convenant hebben sectorpartijen afgesproken zich in te zetten voor een aandeel weidende bedrijven van 81,2 procent of hoger. Dat percentage is de afgelopen twee jaar niet meer gehaald. Het is best een uitdaging om die dalende tendens te keren, aldus Hin, die een lans brak voor weidegang. 

‘Weidegang is technisch een complex thema, maar in de communicatie eenvoudig: uiteindelijk zegt een iconisch plaatje van weidende koeien meer dan duizend woorden. Weidegang is een krachtig beeld dat de maatschappij en de consument associeren met natuurlijk gedrag en natuurlijke voeding. Bij welzijn in de melkveehouderij denkt de consument aan weidegang. De koe hoort in het landschap. Je ziet dat de zuivelsector daar via beelden graag gebruik van maakt bij de promotie of export van zuivel. Weidegang staat ook in de communicatie van keurmerken als PlanetProof en Beter voor Natuur & Boer nog steeds centraal, ondanks dat deze keurmerken verder gaan dan weidegang.’ 

Breed draagvlak voor 120 dagen weidegang

Hin waarschuwde dat de sector wel aan de slag moet om het percentage weidende bedrijven te stimuleren. ‘Krijgt weidegang wel de aandacht in zuivel die het verdient?’ 

Hin kreeg ook kritische vragen uit het publiek, onder meer over eis dat koeien voor weidemelk minimaal 120 dagen zes uur per dag weidegang moeten krijgen. ‘Dat is een claim die we al bijna 20 jaar voeren en waar een breed draagvlak voor is. We onderzoeken echt mogelijkheden voor robotbedrijven. We kijken daarbij waar praktisch de ruimte zit. Maar we moeten echt zuinig zijn op die claim van 120 dagen en zes uur, waarbij de koeien ook echt in het land moeten zijn. Je kunt maar één keer nat gaan.’