Gras

Krimp veestapel drukt op areaal grasland

Ploegen
Agrarische adviseurs geven unaniem aan dat areaal blijvend grasland gaat dalen

Hoe minder koeien Nederland telt, hoe lager het aandeel blijvend grasland. Dat blijkt uit een analyse van teeltadviesbureau Groeikracht, die voor de periode 1960 tot 2023 de relatie tussen de omvang van de veestapel en het aandeel blijvend grasland bekeek (zie figuur hieronder). 

Grasland blijft volgens Groeikracht alleen als het economisch rendabel is met melkvee.

Negen op tien stoppers zet ploeg in gras

In de cijfers van het CBS is een teruggang in het areaal blijvend grasland nog niet af te lezen. Ook het Planbureau voor de Leefomgeving verwacht dat de daling mee zal vallen. Maar agrarische experts zijn unaniem: het areaal blijvend grasland gaat dalen. Zo twijfelt teeltadviseur Mark de Beer van Groeikracht er niet aan dat negen op de tien boeren die met melken stoppen, de ploeg in het gras zetten. ‘In regio’s waar de grond zich leent voor akkerbouw, holt het areaal grasland achteruit. Het is puur economie. De teeltvergoeding die akkerbouwers betalen, is aantrekkelijk.’

Figuur 1 – Relatie tussen omvang Nederlandse veestapel en aandeel blijvend grasland in de periode 1960-2023

Effect stoppersregeling komende twee jaar te zien

Volgens Rick Hoksbergen, branchespecialist melkvee bij Countus, zal het effect van de stoppersregeling op het areaal blijvend grasland de komende twee jaar zichtbaar worden. ‘De meeste stoppers beëindigden hun bedrijf in 2024 of doen dat dit jaar. Als RVO akkoord is en de beschikking afgeeft, hebben melkveehouders nog zes maanden de tijd om te tekenen. Daarna is er twaalf maanden tijd om de koeien daadwerkelijk af te voeren.’ 

Het hoofdverhaal in VeeteeltGRAS, dat eind deze week op de mat valt, gaat dieper in op de verwachte daling van het areaal grasland.