Meer regenval, maar toch waterschaarste
Nederland is de afgelopen vijftig jaar natter geworden. De 190 regendagen per jaar zijn gelijk gebleven, maar de hoeveelheid water die er valt is gestegen.
Dit vertelt Wolter van der Kooij, lector agrarisch waterbeheer bij Aeres Hogeschool, in een artikel in de nieuwste uitgave van VeeteeltGRAS.
Kunst van het vasthouden
De lector rekent op een sigarendoos voor dat in Nederland genoeg regen valt: ‘Gras neemt circa 550 milliliter water per jaar op en er valt tussen de 800 en 900 millimer. Er is dus genoeg water beschikbaar, alleen niet op het juiste moment. De kunst is dus vooral om het overschot vast te houden voor droge tijden.’
Van der Kooij, naast lector ook bestuurslid bij Waterschap Zuiderzeeland, geeft aan dat extremen in het weer geen incidenten zijn, maar in de toekomst regelmatig zullen voorkomen. Er moet volgens hem dan ook een keuze gemaakt worden wie de druppels water krijgt. In de rangorde wie water krijgt als dat beperkt beschikbaar is, bepaald door Rijkswaterstaat, neemt de landbouw de laatste plek in. ‘In de zogenaamde verdringingsreeks, de rangorde voor de verdeling van de hoeveelheid water bij waterschaarste, komen veiligheid en kwetsbare natuur als eerste aan bod, gevolgd door nutsvoorzieningen en kleinschalig hoogwaardig gebruik. Landbouw komt daar achteraan', aldus Van der Kooij.
Boeren die zelfs stuwtjes plaatsen
Van der Kooij adviseert de landbouwsector om mee te praten over waterberging om de beschikbaarheid van water veilig te stellen. In zijn visie kunnen natuurgebieden een belangrijke schakel zijn in de oplossing en daar kan de landbouw van profiteren. ‘Bijvoorbeeld met het creëren van zoetwaterbellen, die voor de hele regio van belang zijn.’ Van der Kooij is een groot voorstander van de oplossing om boeren zelf stuwtjes te laten plaatsen om water vast te houden. ‘Daarvoor hebben ze een vergunning nodig, soms is melden genoeg en soms staat er ook een vergoeding tegenover.’
Scheve waterbalans op De Marke
Op innovatiecentrum De Marke in Hengelo ervaren ze al heel lang waterschaarste, geeft onderzoeker en kennisdeler Geert Stevens aan. ‘We zitten op droge zandgrond en waterwinbedrijf Vitens heeft hier een waterwingebied, waardoor we al jaren boeren met een scheve waterbalans.’
Het vraagstuk water is op De Marke vooral zo groot, omdat water de beperkende schakel is in de opbrengsten van de gewassen. De Marke zet daarom in op het zoeken van een oplossing om klimaatbestendig ruwvoer te verbouwen. Dat kan op twee manieren: met het aanpassen van het gewasplan en met werken aan het waterplan.
Kruidenrijk gras heeft bij droogte meer opbrengst
Gewassen ‘weerbaar maken’ betekent voor De Marke dat naast gras en mais ook gras in combinatie met klaver en kruidenrijk grasland een vaste waarde is. ‘Gras doet het vooral in het voorjaar goed, klaver komt er wat later bij en bij droogte bewijst het kruidenrijke grasland zijn waarde. Bovendien is het gewas geschikt om te beweiden’, zo verklaart Stevens de keuze. ‘Dat levert een opbrengstverhoging van 10 procent op, ook in de wat drogere jaren. Dat zien we niet alleen in onze gewasopbrengsten op De Marke, maar dat is met meerdere onderzoeken ook wetenschappelijk bewezen.’
In VeeteeltGRAS, dat bij samen met het julinummer van Veeteelt in de brievenbus valt, is een uitgebreid achtergrondartikel te lezen over waterschaarste.